Leerplicht

Ouders zijn verplicht ervoor te zorgen dat hun kind, na inschrijving op een school, de school geregeld bezoekt. Elk kind moet gewoon elke dag naar school. Toch komt het voor dat het de ouders kan worden toegestaan hun kind tijdelijk niet naar school te laten gaan.

Voor verlof buiten de schoolvakanties moeten ouders in alle gevallen tijdig overleg plegen met de directeur van de school. Een zorgvuldige behandeling van aanvragen voor verlof buiten de schoolvakanties dient het belang van de leerling, de ouders en de school. Samenwerking is daarin steeds de hoofdzaak.

Bij de wetswijziging in 1994 is nadrukkelijk bepaald dat de mogelijkheden om, buiten de schoolvakanties om, verlof te krijgen voor een gezinsvakantie, beperkt zijn tot die gevallen waar het door de specifieke aard van het beroep van een van de ouders niet mogelijk is om een gezinsvakantie  binnen de schoolvakanties te organiseren. Uit de parlementaire behandeling en de rechtspraak blijkt dat gedacht kan worden aan beroepen in de agrarische sector, de horeca of de toeristische sector.

De bevoegdheid om een beroep op deze vrijstelling te beoordelen ligt bij de directeur van de school, die op de aanvraag schriftelijk een besluit moet nemen. Een dergelijk besluit is een besluit in de zin van de algemene wet bestuursrecht, zowel van een directeur van een openbare school als van een directeur van een bijzondere school. In het besluit moet worden aangegeven dat ouders bezwaar tegen het besluit kunnen aantekenen. Een dergelijk verlof mag slechts eenmaal per schooljaar en dan voor ten hoogste tien schooldagen worde verleend. Deze periode mag nooit samen vallen met de eerste twee weken van het schooljaar. De leerplichtambtenaar heeft geen bevoegdheden met betrekking tot het hier bedoelde extra vakantieverlof. Wel kan de leerplichtambtenaar een adviserende rol spelen op verzoek van de directeuren.

Verlof in geval van andere gewichtige omstandigheden.
 Er zijn andere gewichtige omstandigheden denkbaar waaronder de leerling vrijgesteld moet (kunnen) zijn van de plicht tot schoolbezoek. Wanneer het om ten hoogste tien dagen in een schooljaar gaat (in één keer, of in een paar gevallen bij elkaar opgeteld), dan is de directeur van de school bevoegd een beslissing te nemen op een dergelijk verzoek van de ouders.  Gaat het om meer dan tien dagen in een schooljaar (in één keer of wanneer de aparte gevallen bij elkaar opgeteld hier bovenuit komen), dan is de leerplichtambtenaar bevoegd tot een beslissing. De leerplichtambtenaar moet uiteraard de opvatting van de directeur kennen (in art. 14 van de leerplichtwet staat dat het hoofd van de school gehoord moet worden).

Een beslissing op een aanvraag tot verlof wegens andere gewichtige omstandigheden is een besluit in de zin van de algemene wet bestuursrecht.

Voor het verlenen van verlof in geval van gewichtige omstandigheden is een aantal richtlijnen opgesteld.


Verlof kan worden verleend:

Geen redenen voor verlof: